Bloemkool kweken.

Bijna iedereen lust wel bloemkool. Feitelijk eten we net als bij Broccoli  inderdaad de bloem van de kool. Een wat lastigere teelt, maar met wat liefde en aandacht lukt het wel.


De plant.

Dit is duidelijk een koolgewas. De plant wordt ongeveer 60cm hoog. Het heeft een korte stronk met daarop de grote koolbladeren. Tussen deze bladeren zal de bloem zich ontwikkelen. Om deze wit te houden moet de bloem meestal afgedekt worden, anders zal hij naar gelig verkleuren. Er zijn ook zelf-dekkende soorten. Ook zijn er soorten die met een andere kleur bloeien. Zo heb je bijvoorbeeld ook rode of paarse bloemkolen.

 

Zaaien.

Er zijn verschillende teelt-periodes. Zo is er de zeer vroege teelt, de zomerteelt, de herfstteelt en de winterteelt, ook wel weeuwenteelt genoemd.

 

De zeer vroege teelt wordt in februari onder glas gezaaid. In april worden de plantjes buiten op plaats van bestemming uitgeplant op een afstand van 60 x 60 cm.  Vanaf half juni kan er dan geoogst worden.

 

De zomerteelt wordt eind maart tot half mei onder glas gezaaid worden. Na het uitplanten kan er in juli en augustus geoogst worden.

 

De herfstteelt wordt in mei of juni gezaaid en van september tot november kan er geoogst worden.

 

De winterteelt of weeuwenteelt is de meest gebruikelijke methode. Tussen half juni en half juli wordt er gezaaid. Nadat de planten in augustus worden uitgeplant blijven de planten de hele winter staan. In het voorjaar, zo rond april, mei kan er dan geoogst worden.

 

Soorten.

Er zijn vele rassen te vinden bij de bloemkoolzaden. Dit komt door de verschillende teeltwijze en verschillende kleuren en soorten. We zullen er enkele behandelen:

 

Alpha 6

- Deze is geschikt voor de zomerteelt.

Romanesco

- Deze wat vreemd uitziende groene bloemkool heeft allemaal punten. Hij is te oogsten van september tot in januari.

Snowbal

- Deze kan goed tegen kou en is geschikt voor de weeuwenteelt en de zeer vroege teelt.

Vitaverde F1

- Deze groene bloemkool is geschikt voor de zomer- en herfstteelt.

Grafitti F1

- Deze donkerpaarse bloemkool is geschikt voor de zomer- en herfstteelt.

Jaffa F1

- Deze oranje bloemkool is geschikt voor de zomer- en herfstteelt.

Snowball

- Dit oude ras is geschikt voor de zeer vroege teelt.

Walcheren Winter

- Dit ras is zeer geschikt voor de winterteelt.

 

Standplaats.

Kolen houden van een wat zwaardere grond met veel voeding. Ook op lichtere gronden is bloemkool prima te kweken, maar er moet dan wel voldoende voeding gegeven worden. Spit in het voorjaar een ruime hoeveelheid oude mest onder. En geef gedurende het groeiseizoen nog wat organische mest bij. Bloemkool vraagt veel stikstof en voldoende kalium.

 

Wisselteelt.

Bloemkool hoort thuis op het bed van de koolgewassen. De wisselteelt is 1 op 4 jaar.

 

Goede en slechte buren.

Goede buren:

  • Bonen
  • Dille
  • Kamille
  • Oregano
  • Selderij

Slechte buren:

  • Aardappels
  • Aardbei
  • Erwten
  • Tomaat

Plantafstand.

De plantafstand voor bloemkool is 60 x 60 cm. Zet voor de weeuwenteelt de kolen iets verder uit elkaar, zo'n 65 x 70 cm.

 

Onderhoud.

Loop de kolen zeker in de zomer dagelijks na op rupsen en slakken. Dek indien nodig de bloemkool af door een blad om te knakken en zo over de bloem heen te leggen. Mest voldoende bij en houdt de omgeving vrij van onkruid.

 

Oogsten.

Oogst de bloemkool als hij voldoende groot is. Als je ziet dat de bloemkool gaat bloeien of in de hoogste schiet is het ook tijd om te oogsten. Snijd hem net onder de bloem af. Sommige rassen maken daarna nog enkele kleine zij-bloemetjes, die dan later te oogsten zijn.

 

Bewaren.

De bloemkool is in de koelkast ongeveer tot 2 weken te bewaren, maar eet hem liever eerder op.

 

Na de roosjes kort te blancheren is de bloemkool ook in te vriezen. In de vriezer blijft de bloemkool maximaal 3 maanden goed.

 

Ziektes en plagen.

Knolvoet.

Deze ziekte tast het wortelgestel van de plant aan. Verwijder de planten en voer ze af. Gooi ze zeker niet op de composthoop.

 

Koolrupsen.

Nadat het koolwitje eitjes heeft gelegd op de koolplant, duurt het niet lang voordat de koolrupsen zich laten zien. 10-tallen rupsen eten in korte tijd de kool helemaal kaal. Gebruik insectengaas of loop de kolen regelmatig na.

 

Slakken

Zeker kleine slakjes verstoppen zich nog wel eens in de kool. Er is wat vreterij te zien en de bloemkool krijgt bruine vlekjes op de bloem. Verwijder de slakken met de hand.

 

Koolvlieg.

Deze ligt zijn eitjes bij de voet van de plant. De larfjes eten de wortels van de plant op en de plant gaat slap hangen en sterft. Gebruik koolkragen om dit te voorkomen. verwijder aangetaste planten en voer ze af.

 

Koolgalmug.

Deze mug veroorzaakt draaihartigheid. Het hart van de plant verdwijnt en de kool zal niet meer goed groeien. Gebruik insectengaas om dit te voorkomen. Verwijder aangetaste planten.

 

Stikstofgebrek.

Dit is herkenbaar doordat de onderste bladeren naar paars verkleuren. Bijmesten met bloedmeel.

 

Kalkgebrek.

De bladranden kleuren bruin. Oplossing: Kalk strooien om de planten.

 

Koolduiven en eenden.

In de winter willen duiven of eenden de kolen nog wel eens kaal vreten. Bescherm de planten met netten.

 

 


Kalender.


Laatst bijgewerkt op: 25 januari 2021