Sperziebonen kweken.

Ik denk dat sperziebonen wel de meest geteelde groenten zijn van de moestuinder. Zoals alles zijn boontjes uit eigen tuin veel lekkerder dan uit de winkel. Ze zijn sappiger, knapperiger en hebben veel meer smaak. Ook is het een zeer makkelijke teelt met een dankbare opbrengst. Zeker de moeite waard.


De plant.

Sperziebonen zijn grofweg te verdelen in 2 groepen. Je hebt de stamboontjes en de stokboontjes. Stambonen maken zelf een stammetje en hebben daardoor geen steun nodig. Ze worden ongeveer 30 tot 50cm hoog. Stokbonen zijn klimplanten en hebben dus wel steun nodig. Deze groeien langs stokken en kunnen wel 2,5 meter hoog worden.

 

Zaaien.

Bonen kunnen niet tegen de vorst. Van oorsprong komen ze uit Zuid-Amerika. Buiten kunnen ze pas na de ijsheiligen, dus na 14 mei gezaaid worden. Om iets eerder te kunnen oogsten kan je de bonen ook voorzaaien. Dit kan al vanaf eind april in huis of in een koude kas of serre. De voorgezaaide bonen kan je dan na de ijsheiligen buiten uitplanten.

 

Sommige mensen laten de bonen elkele uren weken in lauw-warm water voordat ze gezaaid worden. Ik laat bonen nooit voorweken. De kans is dan groter dat ze gaan rotten als ze geplant zijn.

 

Stambonen.

Zaai de bonen altijd met 3 bij elkaar, dan hebben ze steun aan elkaar en zullen ze niet zo snel omwaaien. De plantafstand is ongeveer 15 cm in de regel en minimaal 30 cm tussen de regels. Zet de regels niet te dicht op elkaar. Als de planten te dicht op elkaar staan kunnen ze na een regenbui niet droogwaaien en zullen de bonen gaan schimmelen.

 

Stokbonen.

Stokbonen of staakbonen hebben steun nodig. Meestal worden hier bamboestokken (tonkinstokken) voor gebruikt. Ja kan met een paar stokken een wigwam maken of met meer stokken een langer klimrek voor de bonen. Zaai de stokbonen bij voorkeur eind april binnen voor met 5 of 6 bonen in een potje. Als de bonen ongeveer 10  cm hoog zijn (en de kas op vorst is geweest) kan je ze buiten uitplanten. Zet een potje per een stok aan de binnenkant van het klimrek, zodat ze gemakkelijk de stok kunnen vinden. Zet er eerst nog even een grotere bloempot overheen, ter bescherming tegen de vogels. Als de bonen gaan groeien kan je deze weer verwijderen.

Het kan zijn dat je de bonen even moet helpen met klimmen. Soms kunnen ze de stokken niet zo goed vinden. Draai ze dan tegen de klok in om de stok heen. Daarna zullen ze prima zelf klimmen.

 

Soorten.

Sperziebonen zijn er in vele soorten en kleuren. Zo zijn er gele, groene en paarse bonen. Maar ze kunnen ook verschillen in dikte en in lengte. We zullen hier een aantal rassen bespreken.

Stambonen.

 

- Andante

Een groene boon van ongeveer 12cm lang en 7mm breed. Goed in te vriezen of te wecken. Met een zeer goede opbrengst.

- Argus

Een lange boon van ongeveer 18cm zonder draad. Ook deze hebben een hoge opbrengst. 

- Castandel

Boontje met zwart zaad. Ze zijn over een langere periode plukbaar.

- Clarion

Ook wel bekend als hotelboontje. Ze worden 12cm lang en 7mm breed. Ook geschikt om in te vriezen.

- Orinoco-Wax

Deze gele boterboon heeft lange bonen van 14 tot 16cm lang.

- Pongo

Een Franse naaldboon met een hoge productie. De groene bonen worden ongeveer 18cm lang.

- Prelude

Een van de oudste nog gekweekte bonen. De grove groene bonen zijn zeer sappig en knapperig.

- Purple Queen

Deze paarse bonen zijn gemakkelijk te plakken. Bij het koken verkleuren ze naar donker groen. Ze zijn niet erg goed geschikt om in te vriezen.

- Xantos

De fijne donkergroene bonen worden 14cm lang en 6mm dun. De zeer hoge opbrengst is geschikt om in te vriezen en te wecken.

 

Stokbonen.

 

- Blauhilde

Dit is een oud soort met paarse bonen. De bonen kunnen wel tot 27cm lang worden. ook worden ze vrij dik, tot wel 14mm. Bij het koken worden de bonen groen.

- Cobra

Deze geeft groene bonen van 20cm lang. De bonen hangen in trossen van 4 of 5 stuks. Ze hebben zwarte zaden.

- Neckargold

Deze heeft gele bonen tot wel 25cm lang. Hij kan ook als snijboon gebruikt worden.

- Westlandse Dubbel

Mooie groene bonen zonder draad.

 


Standplaats.

Bonen houden niet van natte voeten. Ze kunnen er absoluut niet tegen om constant nat te staan. Het liefst staan ze op zandgrond, maar ze doen het ook op de klei. Zet ze lekker in de zon, dan is de opbrengst het hoogst.

 

Goede en slechte buren.

Goede buren:

  • Selderij
  • Mais
  • Komkommer
  • Aardappelen
  • Rozemarijn
  • Aardbeien

Slechte buren:

  • Uien
  • Bieten
  • Koolrabi

 


Voeding.

Gebruik geen verse mest op de plaats waar bonen moeten komen, het liefste helemaal niet mesten. Wel vinden ze het erg lekker als er wat compost onder gespit wordt. Zorg dat de grond goed los is, zodat het eventuele water gemakkelijk weer weg kan.

 

Oogsten.

Bonen pluk je op dikte en niet op lengte. In de zomer kan je sommige soorten al 6 weken na het zaaien oogsten. Neem de boon in de hand en knijp hem af met je nagel. Dit gaat vrij makkelijk. Als het hem los trek heb je grote kans dat je een deel van de plant meeneem en dat is natuurlijk niet de bedoeling.

 

Bewaren.

Natuurlijk zijn verse boontjes het lekkerste. Maar je kunt de bonen enkele dagen in de koelkast bewaren. Dat is zeker handig als de opbrengst niet genoeg is voor een maaltje.

 

Invriezen.

Sommige mensen houden er niet van, maar ik vries altijd genoeg bonen in om de winter weer door te komen. je moet ze even blancheren.  Zet de bonen met ruim water op en breng het aan de kook. Gebruik hierbij geen zout. Zout onttrekt vocht en de boontjes zullen taai worden. Zodra het kookt schep je de bonen uit de pan en koel je ze in een grote bak met water en ijsklontjes. Zo koelen ze supersnel af en blijven de bonen knapperig. Laat ze daarna uitleken in een vergiet en vries ze daarna in. Als je ze later weer uithaal, aan de kook brengen (met zout) en klaar.

 

Wecken.

Boontjes wecken blijft lastig. Het gebeurd vaak dat de potjes weer opengaan en dan zullen de boontjes bederven. Werk altijd schoon. Kook de boontjes met zout 3 minuten en doe ze in de potjes. Vul de potjes aan tot 1cm onder de rand met het kookvocht. Sluit de potjes en weck ze 120 minuten op 100 graden. Bij gebruik altijd de bonen minimaal 10 minuten koken i.v.m. Botulisme.

 

Ziektes en plagen.

Ziektes en beestjes heb je bijna nooit last van. Soms zit er een slak in, maar verder valt het allemaal wel mee. Zorg dat ze niet te nat staan, want anders gaan ze schimmelen. En help stokbonen even met klimmen, zodat de bonen niet op de grond liggen.

 

Kalender.


Laatst bijgewerkt op 28 december 2020