Zoete Aardappels kweken.

In België worden ze Bataten genoemd. Het is geen familie van onze bekende aardappel. Met zijn kruipende gewas hebben ze graag een beetje warmte.

 


De plant.

Zijn Latijnse naam is Ipomoea batatas. Hij maakt lange ranken die over de grond kruipen. Het blad is hartvormig. Het is een snelle en dichte groeier waar maar weinig onkruid doorheen komt. Onder de grond maakt hij verdikte wortels waar de bataten aan zitten. Zoete aardappels zijn er in diverse kleuren, zoals wit, geel roze en rood.

 

Stekken.

Zet de aardappel voor een deel in het water. Hiervoor kan je gebruik maken van cocktailprikkers (zoals hiernaast op de foto) of leg de knol voor de helft in vochtig zand. Hoe warmer de aardappel staat, hoe sneller hij zal uitlopen. Het beste kan je dit doen op de verwarming of in een propagator.

 

Zodra de uitlopers tussen de 6 en de 15 cm lang zijn snijd je ze voorzichtig van de aardappel af. Zorg er voor dat er nog een klein stukje schil aan de uitlopers zit. Deze uitlopers zet je nu met hen voeten in een glas met water. Zet ook dit weer op een warme plaats.

 

Zodra de stekken geworteld zijn kunnen ze geplant worden. Is het nog te vroeg om ze op hun eindbestemming te zetten, zet ze dan eerst nog in een potje met aarde en houdt deze dan nog binnen op een warme plaats. 

 

Wordt de plant te groot voor binnen, maar kan hij nog niet uitgeplant worden, zet hem dan op een koele plaats. Hoe koeler ze staan hoe langzamer ze groeien. Houdt ze wel warmer dan 5 graden.

 

Planten.


Plant de gewortelde stekken tussen half en eind mei in een grote pot of speciekuip. De pot of kuip moet  minimaal 25cm hoog zijn er ook voldoende groeiruimte hebben. In een normale speciekuip kan je 3 stekken zetten. Zorg dat de grond enigszins zuur is door 1 deel turf en 4 delen potgrond te mengen. Zet in de kuip een wigwam van 3 bamboestokken om het gewas tegenaan te laten klimmen.

 

Je kunt ze ook buiten in de volle grond zetten. Dit kan tussen eind mei en eind juni. Zorg ervoor dat de grond minimaal 15 graden is voordat je ze dan uitplant.

 

Soorten.

Belle - kleur wit, matige opbrengst bij buitenteelt.

Golden Eye - rode knol, creme vruchtvlees, grote knol, geschikt voor buitenteelt.

Orleans - oranje kleur, goede opbrengst.

Tainung 65 - oranje kleur, goede opbrengst, kan goed buiten. 

Witte van Ecohoeve - beige schil, wit vruchtvlees, goede opbrengst.

 

Standplaats.

Zorg ervoor dat ze in de volle zon staan. Hoe warmer ze staan, hoe meer opbrengst de planten hebben. Ze hebben het liefst zandgrond die goed vochtig gehouden wordt.

 

Voeding.

Geef 1 maand na het planten een dosis fosfor en een flinke hand kali. Hierdoor stimuleer je de wortelgroei en knollengroei. Geef geen voeding met veel stikstof. Hierdoor zal de plant veel gewas maken, maar weinig knollen.

 

Oogsten.

Na 4 maanden (oktober) kunnen de nieuwe aardappels geoogst worden.

Als ze in de volle grond staan kan je ze opwippen het de platte vork. Houdt wel voldoende afstand, zodat je de knollen niet beschadig.

Staan ze in een grote pot of kuip, dan kan je eenvoudig de pot omkeren en de aardappels eruit zoeken.

 

Bewaren.

Eerst moeten de knollen goed gedroogd worden. verdeel ze over aan aantal kisten en zorg ervoor dat elkaar niet te veel aanraken. Zet ze voor 1 of 2 weken in een donkere warme ruimte. Zo wordt de schil hard en drogen alle beschadegingen op.

 

Bewaar de knollen in een grote kuip met droog zand op een vorstvrije, droge plaats. Gebruik hier speelzand of metselzand voor, hier zit geen zout in. En zorg dat het zand droog is, anders zullen de knollen weer willen groeien. Zo kan je de zoete aardappelen maanden bewaren.

 

Ziektes en plagen.

Luizen.

Als de planten jong zijn kunnen luizen veel schade veroorzaken. De planten kunnen dan zelf afsterven. Als de planten al wat groter zijn, hebben ze vaak minder last van luizen. Luizenschade is herkenbaar door het opkrullen van de bladeren.

 

Muizen en ratten.

Zij vinden de knollen erg lekker en kunnen veel vreetschade veroorzaken.

 

Rupsen.

Rupsen van de Gamma-uil of de kooluil kunnen nog wel eens wat schade veroorzaken. Meestal zijn de planten dan al groot genoeg en hebben ze er niet veel last van.

 

Kalender.

Eind februari - De aardappel planten of op water zetten.

Eind maart - Stekken nemen.

Half april - Stekken planten.

Oktober - Oogsten.

 


Laatst bijgewerkt op: 21 februari 2021