Aronskelk.

Latijnse naam: Arum

Familie: Aronskelkenfamilie (Araceae)

 

 

Er zijn 2 soorten die in Nederland in het wild voorkomen. De Arum maculatum en de Arum italicum. De laatste is vroeger ingevoerd vanuit Italië maar komt nu ook in het wild voor. Verder zijn er nog 10-tallen soorten die als bolgewas verkocht worden.

 


De plant.

De bloemen van deze plant hebben geen nectar, maar trekken insecten aan door een lucht te verspreiden die naar urine ruikt. De planten zijn zowel mooi om de bloemen als om het blad. In de zomer sterft hij af en zo overleeft hij de warme, droge zomers. In het najaar komen als eerste de aren met oranje besjes boven de grond. Daarna komt pas het blad.

 

 

Planten.

De bollen kunnen het beste in het najaar geplant worden. Plant ze 10 cm diep en 10 cm uit elkaar.  Zet ze op een goed doorlatende, humusrijke grond in de schaduw.

 

 

Soorten.

Er zijn vele, hele mooie soorten te koop De hoogte varieert van 25 tot 60 cm en de bloemkleur is wit, geel, rood of paars.

 

 

Voeding.

Arum italicum in de sneeuw.


Geef bij opkomst van het gewas een dosis mestkorrels. Verder hebben ze geen voeding nodig.

 


Laatst bijgewerkt op: 1 maart 2021